De Werkelijkheid van de Wereld – La Realeco de la Mondo

Voor overname van artikelen en ander materiaal zie:

Aŭtorarajto Mia Propra Verko/VAZNak/Laborgrupo Kritikaj Spiritoj

(Auteursrecht Mijn Eigen Werk/VAZNaK/Werkgroep Kritische Geesten)

Overname van tekst, foto’s en ander materiaal zonder toestemming is verboden! Alle rechten voorbehouden!

(c) Culturele Verschijnselen – Kulturaj Fenomenoj 2020

Open Brief

Op 21 maart beleefde ik een nachtmerrie in het verzorgingstehuis waar mijn moeder stervende was. Ik neem u mee naar de laatste minuten van haar leven waar ik in een uiterst lugubere situatie belandde. Mijn moeder verbleef tijdens haar laatste dag van haar leven in haar eigen kamer in het verzorgingstehuis waar zij al een aantal jaren woonde.

Ik mocht haar onder zeer strikte voorwaarden bezoeken, slechts op afspraak en met ‘beschermende kleding’ was het toegestaan om haar even te zien. Onder begeleiding werd ik in een bijna totaal verlaten gebouw naar haar kamer geloodst. Haar kamerdeur was voorzien van een papier met strenge voorschriften, alsof men een ruimte zou betreden waar een gevaarlijk experiment werd uitgevoerd, gevaarlijker dan in een gentechnisch laboratorium of een vertrek met hoogradioactief materiaal. Ik werd verplicht om een schort, handschoenen en een mond(en neus-)kapje te dragen. Het mondkapje irriteerde mij enorm, ik kreeg het benauwd achter dat masker. Het ding werd binnen enkele tellen een verzamelplek van snot, speeksel en zweet.

Ik betrad de kamer en zag mijn moeder op bed liggen. Zij lag daar roerloos, zwaar ademend met haar mond open, een buisje aan haar neus dat verbonden was met een zuurstofapparaat. Zo hulpeloos had ik mijn moeder nog nooit gezien, bijna niet meer levend met een wezenloze blik in haar ogen. Ik voelde mij erg ongemakkelijk in de uitmonstering waarmee ik de laatste momenten van mijn moeder meemaakte. Ik kon geen normaal contact met haar hebben juist toen het er op aan kwam, tijdens de belangrijkste doorslaggevende momenten die je met een dierbare kunt hebben.

Ze leed aan longontsteking. Met mijn kapje dat twee derde van mijn gezicht bedekte, probeerde ik contact met mijn moeder te krijgen. Wanhopig probeerde ik duidelijk te maken dat ik haar zoon was, omdat ik bang was dat ze mij in dit pak met masker niet meer zou herkennen. Dat ze haar zoon met wie zij een goede liefdevolle verstandhouding had, telkens geheel opleefde als zij mij weer zag, niet meer zou herkennen.

De enige mogelijkheid die er nog was om van mijn moeder nog levend afscheid te kunnen nemen was ernstig verstoord door regels die kennelijk zwaarder wegen dan een menswaardig en respectvol afscheid. Regels die stompzinnig waren, omdat zij ingegeven werden door angst, onbedachtzaamheid en gevoelloosheid.

Ik stond daar bij mijn moeder als een zombie, in een naargeestige omgeving, waar een kamer veranderd was in een cel, een martelkamer leek het. Ik zag daar mijn moeder voor het laatst. Ik moest een een pak aan omdat men op het krankzinnige idee gekomen was dat een mens, die letterlijk uitgeteld op een bed lag en moeizaam kon ademen met behulp van een zuurstofpomp, mij zou kunnen besmetten met een virus. En andersom leek mij het gevaar op besmetting ook uitgesloten. Ik bevond mij in een kunstmatige kille situatie in een sfeer waar bewoners geïsoleerd werden en van de buitenwereld waren afgesneden. Het was een macaber afscheid nemen van mijn moeder die ruim 88 jaar geleefd had.

En dan nu de werkelijkheid van vandaag

Ik ben ernstig beschadigd ten gevolge van diverse maatregelen die er overheidswege in deze crisis genomen zijn. Het einde van de maatregelen, waarvan kritische geesten zich terecht afvragen of wij niet beter het ‘Zweedse model’ hadden moeten toepassen, is nog lang niet in zicht. De zogenaamde ‘versoepelingen’ die op 6 mei zijn afgekondigd zijn niet meer dan een wassen neus. De gevolgen van en beleid dat voortkomt uit het falen van een neoliberaal beleid zullen desastreus zijn op kortere termijn en de komende jaren.

Er zijn zinloze en gevaarlijke besluiten genomen die langdurig hun nadelige gevolgen hebben. We zijn terecht gekomen in een totalitair systeem, dat zal uitmonden in een zombiemaatschappij. Totalitair zijn deze crisismaatregelen, omdat wij tot in ons privéleven gedirigeerd en gecontroleerd worden, vrijheidsbeperkingen zijn opgelegd, geïndoctrineerd (eenzijdige en incomplete en onjuiste informatie, en het veelvuldig herhalen hiervan) zijn, er aangestuurd wordt op maar één redmiddel, namelijk het beschikken over een vaccin en daarmee het uitsluiten van mogelijk werkzame alternatieven om deze besmetting van dit virus te lijf te gaan. De repressie is toegenomen en grondrechten zijn opzij gezet.

Eén van de nieuwe, op 6 mei aangekondigde maatregelen is het verplicht stellen van het dragen van een mondkapje in het openbaar vervoer. Dit is geen versoepeling, maar een aanscherping van het beleid. Het dragen van een niet-medisch mondkapje op straffe van een boete legt een onnodige druk op de reiziger en creëert een morbide sfeer in tram, bus, trein en op veerponten.

Het dragen van van een niet-medisch mondkapje voegt niets toe aan veiligheid van de reiziger of het personeel in het openbaar vervoer. De maatregelen die al van kracht waren hebben voldoende aangetoond dat ze werken. De basisdienstregeling bij de NS functioneert goed.

Er is verschillende malen, ook bij de RIVM het dragen van mondkapjes in twijfel getrokken omdat het eerder een groot risico op besmetting met zich meebrengt dan zonder. Volgens het RIVM wordt het dragen van een mondkapje om diverse redenen ‘schijnveiligheid’ genoemd en zou “het niets toevoegen aan de bestaande maatregelen“. Het volgen van de richtlijnen die al vanaf het begin (vanaf 12 maart) gelden hebben in de praktijk laten zien dat de indamming van de besmettingsuitbreiding van het SARS-CoV-2-virus succesvol verloopt.

Ik roep u, alle verantwoordelijken van dit beleid hierbij op om alstublieft

het verplicht dragen van mondkapjes in het OV onmiddellijk in te trekken.

Mondkapjesplicht is   respectloos, afzichtelijk,  repressief, onmenselijk, pijnlijk, angst makend, vernederend, ongezond. Meer hierover is te lezen in de Nieuwsberichten bij de petitie ‘Geen mondkapjesverplichting in het openbaar vervoer‘.

Een intelligente (!) oplossing om een geleidelijke afbouw van de capaciteitsbeperkingen in het OV mogelijk te maken te maken zou het alternatief kunnen zijn. Een beleid dat gericht is op vertrouwen en verantwoordelijkheid van de reiziger, i.p.v. een beleid dat ingegeven is door angst en wantrouwen dat nu gevoerd wordt.

19 mei 2020

Kun je mij zien?

“Mam, mam, kun je mij zien? Ik ben het je zoon uit N. Ik ben het echt, al zie ik er als een zombie uit. Ik moest deze belachelijke kleding aan doen op bevel van de directie van dit tehuis. Dit tehuis waar je in een cel belandde met waarschuwingen op de deur geplakt. Alsof hier in deze kamer, die niet meer jouw kamer is, er een zeer gevaarlijk experiment aan de gang is.

Misschien is het hier nog wel gevaarlijker, gevaarlijker dan een asbeststortplaats of een gentechnisch laboratorium. Jouw kamer lijkt wel een soort martelkamer. Je ligt aan een apparaat, dat wil zeggen je krijgt via een buisje een zuurstofmengsel uit een apparaat toegediend. Je ligt hier roerloos, je ogen hebben een wezenloze blik. Mam, mam, zie je mij, hoor je mij? Lieve mam, ik ben het, R. je zoon uit N. Ik zie er nu wel raar uit, maar ik ben het echt. Lieve moeder, ik moest deze stompzinnige kleding aan, anders mocht ik niet bij jouw komen.

Zij hebben bedacht dat ik een zombiepak aan moest doen, omdat jij volgens hen veranderd was in een gevaarlijk object, geen mens meer, maar een gevaarlijk ding aan een zuurstofpomp. Hoor je mijn stem? Zie je mij? Ik ben je zoon, lieve schat, je bent een moedige vrouw.Het spijt mij nogmaals dat ik er zo vreemd uit ziet. Het is ook grote onzin. Jij bent niet gevaarlijk voor ons, jij kunt niets meer. Je ligt hier letterlijk uitgeteld. En al zouden wij jou kunnen besmetten, zou dat dan nog uitmaken? Zoals je daar nu ligt? Mam, jij kent mij bijna 58 ½ jaar zonder mondkapje. En dan zou ik nu afscheid van je moeten nemen, want je leven loopt ten einde, met zo’n stompzinnig ding voor? Nu, in die laatste kostbare momenten? Nu, deze laatste momenten dat ik je fysiek nog meemaak, dat ik er zo zot uit moet zien, dat is echt afschuwelijk.”